In het pastoorloze tijdperk wordt de website niet bijgewerkt (alleen de Weekberichten)

Christus Koning A – He’s got the whole world in His hands

Christus Koning A – He’s got the whole world in His hands
                                                                                        Echt/St.Joost, 29-11-20

Lang geleden heb ik een Actiefilm gezien,
waarin een groep criminelen per vliegtuig van de ene Amerikaanse staat
naar een ander staat verplaatst moet worden.
 
En u kunt zich al indenken wat gebeurt:

Zij dwingen de piloot van koers te veranderen
en op een afgelegen, oud vliegveld ergens in de woestijn te landen.

Terwijl de meeste criminelen voorbereidingen treffen
voor hun verdere ontsnapping,
wandelt een van hen, die door de anderen als geestesziek wordt beschouwd,
over het grote terrein.

Hij komt bij een armoedig huisje, waar een klein meisje in de voortuin speelt.
Zij heeft een poppenservies en nodigt de vreemde man heel onbevangen uit,
om met haar thee te drinken.
 
Het kind is helemaal niet bang voor de vreemde,
terwijl de dreigende filmmuziek de kijker ondertussen
aan het grote gevaar herinnert waarin het kind zich bevindt.

En dan zegt het kind: “Meneer, bent u verdrietig? U ziet zo verdrietig uit!”
Geen antwoord van de criminele.

Het kind vervolgt: “Wanneer ik verdrietig ben, dan zingt mijn mama altijd dit lied:

He’s got the whole world in His hands,
He’s got the whole wide world in His hands,
He’s got the whole world in His hands,
He’s got the whole world in His hands.

Van de hele film is mij deze scene het meest bijgebleven.
Wat een kracht ligt in het besef,
dat God inderdaad de wereld in zijn handen heeft!
Zelfs de misdadiger in de film werd erdoor geraakt en deed het kind niets aan.

Vandaag op het Hoogfeest van Christus Koning
willen ook wij ons weer opnieuw bewust maken:
De hele wereld ligt inderdaad in Gods handen.

Volgens de brief aan de Kolossenzen mogen wij deze uitspraak
zowel op de God de Vader als op zijn Zoon toepassen,
want de Vader heeft het heelal geschapen door Hem en voor Hem
en alles bestaat in Hem (vgl. Kol, 1,15-17).

Wanneer ik mijn rozenhoedje bid
– en dat doe ik vaak terwijl ik door de stad loop en de voortuintjes zie –
dan blijf ik de laatste tijd vaak heel bewust staan
bij de beginwoorden van de geloofsbelijdenis: “Schepper van hemel en aarde”.

Hoe anders wordt alles als dit ons denkkader is:
Er bestaat een God die alles in zijn handen heeft.
Dat geeft je een soort oervertrouwen!

En tegelijkertijd denk ik:
hoe erg is het, dat de moderne mens van kindsbeen af
vaak niets anders hoort dan oerknal en evolutietheorie!

Niet dat ik tegen wetenschappelijke theorieën ben,
maar wel tegen gesimplificeerde theorieën alsof alles door toeval ontstaat.
In de zin van: In het begin was er niets en dan is ook dat nog ontploft.

Vooral ben ik tegen een zwartwit-denken,
alsof je een keuze moet maken tussen natuurwetenschap enerzijds
of het geloof in een goddelijke Schepper anderzijds.

Kan de Schepper van hemel en aarde niet ook
door bepaalde evolutionaire processen werkzaam zijn?

En hoe wil je trouwens de doelgerichtheid van zo veel dingen in de natuur verklaren
als er geen grote intelligentie achter zit?

En hoe verklaart de natuurwetenschap de schoonheid van de natuur?
Zij kan uitleggen waarom de bladeren in de herfst verkleuren,
maar niet waarvoor de schoonheid van de kleuren dient.

Ik zie daarin een afspiegeling van Gods schoonheid,
een uitnodiging om Hem te loven
en een blijk van zijn grote liefde voor ons,
waarmee Hij ons vreugde wil schenken.

Dus: Wat de natuurwetenschap ook zegt,
niemand kan mij de overtuiging afnemen:

He’s got the whole world in His hands.