- Parochie Echt - https://www.parochieecht.nl -

19e zo dh jaar A – Edith Stein en haar liturgische inzichten

19e zo dh jaar A – Edith Stein en haar liturgische inzichten   Echt/St.Joost 9-8-2020

In de eerste (officieel de tweede lezing) vandaag verwoordt de apostel Paulus
zijn pijn over het feit dat zijn eigen Joodse volksgenoten
het geloof in Christus nog niet hebben aangenomen.

Het korte stukje dat wij hoorden eindigt met de uitroep:

“Immers, zij zijn Israëlieten, hun behoort de aanneming tot zonen,
de heerlijkheid, de verbonden, de wetgeving, de eredienst en de beloften;
van hen zijn de aartsvaders en uit hen komt de Christus voort naar het vlees,
die boven alles verheven, God is:
de gezegende tot in de eeuwigheid! Amen”(Rom.9,5b).

En iets verderop schrijft Paulus in dezelfde brief aan de Romeinen:

“Al staan zij vijandig tegenover het evangelie ( ) toch blijven zij Gods vrienden
krachtens zijn uitverkiezing, omwille van de aartsvaders.
Want God kent geen berouw over zijn genadegaven noch over zijn roeping”
(Rom.11,28-29).

Hoewel er geen twee heilswegen bestaan
en Christus vanuit ons standpunt ook de Verlosser voor de Joden is,
nodigen ons juist de genoemde genadegaven aan het uitverkoren volk uit
om respectvol en leergierig met het Joodse geloof om te gaan. [i]

Deze inzichten die vooral sinds het Tweede Vaticaans Concilie verdiept werden,
heeft Edith Stein al lang tevoren gehad en zelf in praktijk gebracht.

Lang voordat bv. de liturgievernieuwing bij de bereiding van de gaven
de oude joodse gebeden over brood en wijn in de Mis heeft opgenomen,
wees Edith Stein al erop hoe veel van ons liturgisch bidden uit het Jodendom komt.

In elke H. Mis bidden dan ook nu het oude Joodse gebed:

“Gezegend zijt Gij God, Heer van al wat leeft.
Uit uw milde hand hebben wij het brood ontvangen.
Aan U dragen wij op de vrucht van de aarde…”

In haar meditaties gaat Edith verder erop in
dat Jezus zelf als een gelovige, wetgetrouwe Jood gebeden heeft,
dat Hij van kinds af aan met zijn ouders op de voorgeschreven tijden
op bedevaart ging naar Jeruzalem
en dat Hij ook later met zijn leerlingen de grote Joodse feestdagen meevierde
in de tempel.

Ook het feit dat Edith Stein Goede Vrijdag
met ononderbroken bidden, zwijgen en vasten heel intensief beleefde
heeft voor haar te maken met het feit
dat Goede Vrijdag beantwoordt aan de Grote Verzoendag van de Joden.

Edith herinnert zich dan ook eraan
dat haar eigen moeder op Grote Verzoendag volgens Joodse voorschrift
eveneens 24 uur ging vasten en dat zij vroeg ’s ochtends,
wanneer de kinderen nog in bed lagen, liefdevol van elk kind afscheid nam
om dan de hele dag biddend in de synagoge te verblijven.

Op Grote Verzoendag werd namelijk herdacht dat eens een lam, een ‘zondebok’,
beladen met de schuld van het hele volk in de woestijn werd gedreven.
Ook werd op Grote Verzoendag herdacht dat het de enige dag was in het jaar
dat de Hogepriester het Allerheiligste van de tempel mocht binnen treden
om het zoenoffer voor het volk op te dragen.

Op eenzelfde manier dacht Edith Stein op Goede Vrijdag eraan
dat Christus nu zelf het Lam was dat de zonden van de wereld draagt
en dat Hij zichzelf als het ultimatieve zoenoffer voor de hele mensheid offerde.

Voor haar was duidelijk: Christenen begrijpen hun eigen godsdienst pas goed,
wanneer ze zijn Joodse wortels kennen.

Lang voordat dit een algemene overtuiging werd,
was Edith Stein er al van overtuigd.
En zij heeft dit niet alleen als interessante weetjes bekend gemaakt,
maar vanuit haar Joodse wortels zelf intens beleefd.

—————————————————————

[i] Benedikt XVI, Licht der Welt. Der Papst, die Kirche und die Zeichen der Zeit.
Ein Gespräch mit Peter Seewald, Herder 2010², blz. 106 en blz. 133.

Zie ook: Christian Feldmann, Liebe, die das Leben kostet. Edith Stein,
Jüdin, Philosophin, Ordensfrau, Herder 1987, 3. Auflage, blz.115- 119.