In het pastoorloze tijdperk wordt de website niet bijgewerkt (alleen de Weekberichten)

14e zo dh jaar A – 100 jaar eenzaamheid zonder Jezus

14e zo dh jaar A – 100 jaar eenzaamheid zonder Jezus   Echt/St.Joost, 5-8-20

Onze vorige bisschop, Mgr. Wiertz, las s ’avonds nog graag een boek,
nadat hij van een of ander bijeenkomst thuis was gekomen.
Even ontspannen, even de gedachten op iets anders richten.

Ik heb mij dit ook te eigen gemaakt, waarbij ik, net als hij, erop toe zie
dat het om boeken gaat van enig belang.
Dit hoeven niet per se vrome of theologische boeken te zijn,
maar het moet wel gaan om literatuur met een hoofdletter.

Mijn laatste boek dat ik gelezen heb,
was de roman Honderd jaar eenzaamheid van Gabriel García Márquez.
Ik had hem vooral gekocht,
omdat Márquez in 1982 de Nobelprijs voor literatuur had gekregen.

Het boek kent enkele leuke literaire vondsten
zoals bv. het zelfbeklag van een vrouw.
Omdat ze zonder te stoppen als maar doorratelt,
geeft Márquez haar verhaal dan ook weer in één lange zin van 1123 (!) woorden.
(blz. 332 -335 van de Nederlandse editie).  

Maar wat de hele roman betreft, werd ik er niet blij van. Waarom niet?

Omdat over de hele familiekroniek,
– die zoals de titel al suggereert, zo’n 100 jaar in beslag neemt –
het loden dak van het binnenwereldse ligt.

Nergens is een openheid te vinden voor een levende relatie met God,
nergens is bij de mensen een zin in het leven te zien
die het tijdelijke en vergankelijke overstijgt.

“Ze zullen sterven zonder te weten waarom”, zegt een van de personen.
En de schrijver voegt er dan aan toe:
Met dit antwoord werd in Fernanda’s hart een raadsel geplant
dat ze nooit heeft kunnen oplossen (vgl. 268).

Als in de roman het geloof of de katholieke Kerk al te sprake komen,
dan worden deze zo onrealistisch beschreven of vanaf de buitenkant bekeken
dat ik tot de overtuiging kwam:
Hier schrijft iemand die dit alles nog nooit van binnenuit ervaren heeft.

Waarom dan toch af en toe zo’n soort boek lezen?
Ik meen, dat mijn antwoord ongeveer hetzelfde is
als die van onze emeritus bisschop destijds:
Omdat het ons iets leert over het levensgevoel van onze tijd.

Inderdaad. Nog deze week had ik een gesprek met iemand,
die alsmaar stil bleef staan bij de uiterlijkheden van het geloof
en die bij alles en nog wat bedenkingen en vraagtekens had.

Je kwam er maar niet verder in het gesprek.
Het waren of de kokosmatten van vroeger,
waarop je gedwongen werd de rozenkrans te bidden,
of een of ander moderne bewering die een geloofspunt in twijfel trok.

En toch had ik de indruk dat deze persoon leed aan het loden dak
waardoor de hemel voor haar schijnbaar niet toegankelijk was.
Of hield ze het zelf met de ene een hand vast,
terwijl ze er met de andere tegenaan bonkte?

Ik weet het niet. Ik voelde alleen dezelfde droefheid als bij die bewuste roman.

Natuurlijk heb ook ik niet voor alles een verklaring, maar daarmee kan ik leven.
En ik wil op Hem vertrouwen die dé weg, dé waarheid en hét leven is.

Zelfs al worstelt iemand met heel veel vragen,
bestaat er wel een betere gevolgtrekking dan die van Petrus toen hij zei:
“Heer, naar wie zouden wij gaan?
Uw woorden zijn woorden van eeuwig leven”(Joh.6, 68).

Vandaag roept ons Jezus opnieuw op,
alle bezwaren opzij te zetten,
het loden dak van onze binnenwereldse denkwijze te doorbreken
en ons aan Hem toe te vertrouwen:

Komt allen tot Mij die uitgeput zijt en onder lasten gebukt,
en Ik zal u rust en verlichting schenken.

Neemt mijn juk op uw schouders en leert van Mij:
Ik ben zachtmoedig en nederig van hart;
en gij zult rust vinden voor uw zielen,
want mijn juk is zacht en mijn last is licht.” (Mt.11,28-30)

 

Jezus smeekt ons om op zijn oproep in te gaan, steeds opnieuw.
En juist in onze tijd is het erg belangrijk steeds opnieuw en heel bewust
het loden dak van het binnenwereldse te willen doorbreken.

Want zonder Jezus wordt het inderdaad: Honderd jaar eenzaamheid.