Donderdag 20 juni viert de Wereldkerk Sacramentsdag. In de Landricuskerk is van 10.00 -18.30 uur eucharistische aanbidding. Feestmis 19.00

Heiligdomsvaart Susteren (Pelgrimspreek 040914)

Pelgrimspreek  H.Amalbergakerk, Susteren (Heiligdomsvaart 4-9-2014)
door pastoor Rainer Kanke, Echt

Broeders en zusters,

Wanneer wij de bekende uitspraak van Jezus horen:
“Van nu aan zult gij mensen vangen”,  dan kan ons een ongemakkelijk gevoel bekruipen.

Wij denken misschien: Jezus heeft dit tegen een apostel gezegd
en tegen hun opvolgers. Dus, onze bisschoppen en priesters hebben de opdracht gekregen om ons mensen te vissen, om met hun netten naar ons te gooien.

En in onze verbeelding zien wij ons al als hulpeloze visjes tegen wil en dank in een groot net spartelen.

Waar blijft dan onze vrijheid? En wat staat ons te wachten? Het lot van alle gevangen visjes?

Nou, om met het laatste te beginnen: ons staat niet de dood te wachten, zoals bij de visjes, ons staat juist het leven te wachten, het eeuwig leven.

Vissen worden uit hun natuurlijke levensruimte gehaald, het water.
Maar is deze materialistische, vergankelijke en dus zinloze wereld wel onze echte levensruimte? Zijn wij met ons ingebakken verlangen naar geluk, zin en liefde niet bestemd voor een eeuwig leven?

Daarom worden wij door de geloofsverkondigers, de vissers van mensen, juist uit de wereld van de dood gehaald
en gebracht naar de bovennatuurlijke leefruimte van het geloof.

In de eerste lezing stond al wat wij van deze aardse wereld moeten denken: “De wijsheid van deze wereld is dwaasheid voor God”  en
“Laat daarom niemand zijn heil zoeken bij mensen”

Misschien zou Jezus vandaag niet het beeld gebruiken van een visser, maar eerder dat van een reddingsdienst.  En wie wil niet gered worden?

Dan zou ook de associatie die het net met zich meebrengt, vervallen:
dat wij namelijk zonder eigen toestemming tot ons heil worden gebracht.

Maar deze associatie is niet gegrond.
De concrete daden van Jezus zelf die de beste interpretatie zijn van zijn uitspraken, geven overal aan dat er van dwang en misachting van onze vrijheid nooit sprake mag zijn.

Dit net is als de zachte leidsels, als de teugels van liefde,
waarmee de profeet Hosea (11,4) Gods handelen omschrijft.

De mazen van het net van de mensenvissers zijn groot genoeg,
dat je eruit kunt ontsnappen. Tot verdriet van de vissers weliswaar,
tot verderf van de mensen meestal,
maar wel om de vrijheid van iedereen te respecteren.

Maar als wij beseffen hoezeer wij het geloof in Christus nodig hebben voor een zinvol leven hier op aarde en voor een toekomst
in het eeuwig leven,
dan zien het net in een reddingsring veranderen,
dan worden wij niet gegrepen, maar grijpen wij er zelf naar.

Beste broeders en zusters,
op deze manier hebben ook de mensenvissers als de H.Willibrord
en zijn metgezellen vele eeuwen geleden hier gevist.
Zo hebben het de meeste mensen toen begrepen.
Het  beste bewijs is, dat zij christenen bleven, gelovig bleven,
ook toen deze monniken verder trokken.
Zij brachten dit geloof uit eigen beweging weer over
op de volgende generaties, ook toen de mannen en vrouwen
van het eerste uur al lang overleden waren.

Dat laat ons zien, hoe dankbaar zij waren voor het geloof,
voor de nieuwe bovennatuurlijke wereld,
hoe dankbaar zij waren om uit de diepte van een hopeloze wereld omhoog gehaald te zijn tot een bovennatuurlijk leven dat geen einde kent.

Op die achtergrond mogen wij ons dan ook afvragen:
Waren de middeleeuwen wel zo donker als men ons vaak wijs wil maken?