Alle parochianen worden uitgenodigd voor de jaarlijkse clustermis, dit jaar op maandag 14-1 om 19.00 uur in Koningsbosch !

27e zo dh jaar B – Wat God verbonden heeft

 

27e zo dh jaar B – Wat God verbonden heeft                  Echt/St.Joost, 7-10-18

“Wat God verbonden heeft, mag een mens niet scheiden”.
 “Wie zijn vrouw wegzendt en een andere huwt,
maakt zich tegenover haar schuldig aan echtbreuk”.(Mc.10, 9.11)

Deze eis van Jezus durf je in onze tijd nauwelijks nog te herhalen,
omdat het hertrouwen na een scheiding zo vaak voorkomt
dat men het bijna al normaal vindt.

In navolging van Jezus kan de kerk echter niet anders
dan de onverbrekelijkheid van het huwelijk te verkonden.
Maar zij probeert dat met heel veel begrip en liefde te doen,
juist ook tegenover hen die dit hoge ideaal niet waar konden maken.

Laten wij een keer enkele liefdevolle uitspraken van het kerk op een rijtje zetten.
Veel begrip en liefde vinden wij bv. terug in de Exhortatie “Amoris Laetitiae”
van Paus Franciscus (19 maart 2016).

Hij schrijft: “Ondanks dat de Kerk van mening is
dat elk verbreken van de huwelijksband tegen de wil van God is,
is zij zich ook bewust van de broosheid van velen van haar kinderen”. 

Verlicht door de blik van Christus, “richt de Kerk met liefde zich tot hen
die op een onvolledige wijze deelnemen aan haar leven,
en erkent daarbij dat de genade van God ook in hun leven werkzaam is
door hun moed te geven het goede te doen,
met liefde voor elkaar te zorgen
en ten dienste te staan van de gemeenschap waarin zij leven en werken”.
 (291)

Dat hertrouwd gescheiden mensen niet ter communie kunnen gaan,
is natuurlijk  een grote last voor hen.
Dat erkende al de vorige paus Benedictus en hij zei daarover:

Ik denk dat deze last dan kan worden gedragen
als het voor iemand duidelijk wordt dat er ook nog andere mensen zijn
die niet ter communie mogen gaan.

Het probleem heeft eigenlijk pas dergelijke dramatische vormen aangenomen,
omdat de communie langzamerhand een sociale rite is (…).
[Iedereen gaat maar en niet zelden zonder na te denken.]

Als het weer duidelijk wordt dat veel mensen voor zichzelf moeten bekennen
– ik kan zo, zoals ik nu ben, niet ter communie gaan
en als, zoals de heilige Paulus zegt, op die manier weer
het onderscheid van het lichaam van Christus wordt aangegeven –
dan zal het er onmiddellijk anders uitzien.


Het tweede is
dat deze medegelovigen moeten merken
dat ze ondanks dat toch door de kerk worden geaccepteerd.

                                                                                     (Zout der aarde, blz. 205)

Hoezeer de kerk ook aan hen denkt, valt mij altijd op
wanneer ik bij een trouwmis het Eucharistisch gebed voor het huwelijk gebruik.

Getuigt het niet van een grote liefde en empathie van de Kerk,
dat ze juist op het moment
waarop ze de grootheid en onverbrekelijkheid van het huwelijk viert,
ook deze woorden kan spreken:

Wij smeken U, toon ook uw goedheid aan zo velen die zijn teleurgesteld
in hun verlangen naar geluk en liefde.
Wees Gij hun vrede, vertroosting en hoop,
zodat zij de vreugde hervinden te leven in uw liefde,
dienstbaar aan anderen.