Geef je op voor een bijzondere Bijbelavond over het Hooglied, het liefdeslied aller liefdesliederen: di 9-4 om 20.00 uur Trefcentrum Diepstraat 4

1e zo vd advent C – Het hoogste dreigingsniveau

1e zo vd advent C – het hoogste dreigingsniveau
Echt/St.Joost, 29-11-15
Lucas 21,25-28.34-36 Weest altijd waakzaam…

Toen ik deze preek schreef, heerste in Brussel nog altijd
het hoogste dreigingsniveau van terrorisme en ook in ons land
werd het dreigingsniveau maar om een level minder ingeschat.

Dat maakt de woorden uit het evangelie op het eerste gezicht
heel actueel. Wij lezen daarin namelijk:

“Weest altijd waakzaam, en bidt dat ge in staat moogt zijn
te ontkomen aan al die dingen die zich gaan voltrekken…” (Lc.21, 36a).
Dan echter eindigt deze zin heel onverwacht.
Niet voor terroristen wordt gewaarschuwd, maar er staat:
“en dat ge stand moogt houden voor het aangezicht van de Mensenzoon” (Lc.21,36b).

Hoe kan dat nou? Jezus, onze Verlosser, onze Heiland, als angst-verwekkende Rechter ?

Ja, dat klopt, maar blijkbaar geldt dit voor een bepaalde categorie mensen.
Mensen, die als volgt gewaarschuwd worden:

“Zorgt er voor dat uw geest niet afgestompt raakt door een roes
van dronkenschap en de zorgen van het leven;
laat die dag u niet onverhoeds grijpen als in een strik” (Lc.36,34).

Voor een andere categorie mensen geldt de voorspelling:
“Wanneer zich dit alles begint te voltrekken richt u dan op
en heft uw hoofden omhoog want uw verlossing komt nabij” (vers 28).

Wat onderscheidt deze laatste groep mensen van de eerste?
Treft hen geen oorlog, ramp of vervolging? Toch wel. (vgl. 10-11)
Want niemand is daar absoluut voor beschermd.
Maar deze mensen zijn niet afgestompt voor het bovennatuurlijke,
zij zijn niet opgegaan in het wereldse.
Zij hebben ondanks alle zorgen en angsten een levendige relatie
met de Heer en zijn bereid, getuigenis van Hem te geven (vers 13).

Wij zien dit bv. heel concreet bij drie religieuzen van de orde
van zuster Anima Christi
(Dienaressen van de Heer en de Maagd van Matará),
die heel bewust ervoor gekozen hebben
in Aleppo, in Syrië, te blijven.

Daar vindt dagelijks een terreur plaats die nog vele malen erger is
dan die ene keer in Parijs. Dat is het land dat intussen al meer dan
3 miljoen vluchtelingen heeft voortgebracht,
omdat het gewoon door al het oorlogsgeweld onbewoonbaar is.

En toch blijven deze zusters heel bewust bij de laatste inwoners
die niet weg kunnen. Om te troosten. Om letterlijk mede te lijden.
Om te getuigen van de nabijheid van God.

Zij weten niet of zij hun missie zelf zullen overleven.
Medezusters van een andere congregatie zijn al gedood.
De bommen vielen reeds op het huis van de buren
en de kinderen die ze willen onderrichten
om hun een beetje hoop op de toekomst te geven,
komen soms niet bij hen aan,
omdat ze neergeschoten worden door sluipschutters.
(vgl. Trouw, 31-10-15)

Deze zusters maken nu al eindtijdtaferelen mee en toch staan ze er,
“de hoofden omhoog” en in de overtuiging “uw verlossing is nabij”
(vgl. vers 28).

En zij leren ons, dat de belangrijkste voorzorg bij elke terreur erin bestaat,
in staat van genade te zijn (dat betekent niet in grote zonde
te leven) en een levendige relatie met de Heer te onderhouden,
die eens zal komen in macht en grote heerlijkheid.