Geef je op voor een bijzondere Bijbelavond over het Hooglied, het liefdeslied aller liefdesliederen: di 9-4 om 20.00 uur Trefcentrum Diepstraat 4

17e zo dh jaar B – Om niets verloren te laten gaan

17e zo dh jaar B – Om niets verloren te laten gaan               Echt/St.Joost, 29-7-18

 

Het verhaal van de broodvermenigvuldiging
kennen wij zeker al van de andere evangelisten.

In de versie van de evangelist Johannes, die wij vandaag hoorden,
komt de verwijzing naar het eucharistie het meest duidelijk naar voren.

Zo vermeldt Johannes uitdrukkelijk dat de broodvermenigvuldiging
plaats vond “kort voor Pasen”.

Hierdoor verwijst hij naar het Joodse Paasfeest ,
waaraan Jezus door de eucharistie
een nieuwe, alles overtreffende betekenis zou geven.

Ook vers 11 klinkt heel vertrouwd naar de woorden bij het Laatste Avondmaal.
Luister eens: 

“Toen nam Jezus de broden en na het dankgebed gesproken te hebben,
liet Hij ze uitdelen… “

“Na het dankgebed gesproken te hebben”
is de vertaling van het Griekse “eucharistesas”,
waar ons woord “eucharistie” = “dankzegging” vandaan komt.

De grote catechismus (nr. 1335) vat dit dan ook zo samen:

De wonderbare broodvermenigvuldiging, waarbij de Heer de zegen uitsprak,
broden brak en aan zijn leerlingen gaf als voedsel voor de menigte,
is een voorafbeelding van de overvloed van het ene brood van zijn eucharistie.

Inderdaad, wat een overvloed!

Er bleven twaalf manden met brokken over.
Van die twaalf manden vol brokken kun je wel meer dan 5 broden maken,
de oorspronkelijke hoeveelheid.
Een bewijs dus, dat iedereen echt verzadigd werd (vers 12)
en niemand tekort had.
Toegepast op de Jezus, die zich enkele verzen later
zelf het “Brood des levens” (Joh. 6,35)  zou noemen,
betekent dit dat Jezus zich aan iedereen ten volle uitdeelt,
zonder minder te worden.

Maar, en daarmee komen wij tot een belangrijke zin,
Jezus vindt het wel heel belangrijk
dat wij met die gave die Hijzelf is, heel bewust en eerbiedig omgaan.

Als de broodvermenigvuldiging bij de evangelist Johannes
als een voorafbeelding van de eucharistie is bedoeld,
dan mogen wij ook de bange vraag van Jezus op de eucharistie toepassen
wanneer Hij zegt:

“Haalt nu de overgebleven brokken op om niets verloren te laten gaan
(vers 12).

Niets mag verloren gaan!

Daarom veegt de priester alle kruimeltjes uit de hostieschaal bijeen
en nuttigt ze.

Daarom mag ook op spiritueel gebied niets van het Brood des levens
verloren gaan door bv. zonder na te denken of zonder geloof
ter communie te gaan.

“Laat toch niets verloren gaan”, roept de Heer zelf ons op.