Donderdag 20 juni viert de Wereldkerk Sacramentsdag. In de Landricuskerk is van 10.00 -18.30 uur eucharistische aanbidding. Feestmis 19.00

10e zo dh jaar C – Schilderij van Petra vd Luijtgaarden

10e zo dh jaar C – Schilderij van Petra vd Luijtgaarden  Echt/St.Joost, 5-6-16

Ik Ben De Geneesheer

Vandaag, in het Jaar van de Barmhartigheid,
aan wij over een modern schilderij mediteren,
een schilderij van de kunstenares Petra van de Luijtgaarden.
Zij heeft het de titel gegeven: Ik ben de Geneesheer.

Het schilderij zit vol symboliek,
maar deze symboliek is wel voor meerdere uitleg vatbaar.
Mijn uitleg zal dan ook niet de enig mogelijke zijn.

Wat voor iedereen duidelijk is, is natuurlijk de grote Christusfiguur,
die ons zijn heilig Hart laat zien en die zijn armen uitnodigend
naar ons geopend heeft.

Dit was voor mij de aanleiding, om over dit schilderij juist
in het weekend na het H. Hartfeest (afgelopen vrijdag) te preken.

Iets moeilijker herkenbaar op het schilderij is een mens,
direct onder het hart van Jezus.
Het hoofd is heel donker, bijna zwart en straalt  een zekere droefheid uit.
Vanuit dit donkere hoofd stijgt een slang op, die het H.Hart van Jezus raakt.

De slang staat in de Bijbel symbool voor het kwaad of de kwade,
zoals wij allemaal weten uit het verhaal van de zondeval.
Elke zonde raakt het heilig Hart van Jezus.
Zijn onvoorwaardelijke rechtvaardigheid maakt het Hem onmogelijk
een zonde zomaar door de vingers te zien of goed te praten.
Wanneer er echter bij de mens sprake is van oprecht berouw,
dan openen zich bij de Heer meteen de sluizen van barmhartigheid en vergeving.

Wij kennen in het boek Numeri (21, 6-8) een verhaal,
dat deze omkering van gerechtvaardige straf naar onverdiende verlossing
al aanduidt, ook al krijgt ze pas in Christus haar volle betekenis. Zo staat er:

Toen zond Jahwe giftige slangen op het volk af.
Deze beten de Israëlieten en velen van hen vonden de dood.
Nu kwam het volk naar Mozes en zei: ‘Wij hebben gezondigd,
want wij hebben ons tegen Jahwe en tegen u gekeerd.
Bid Jahwe, dat Hij die slangen van ons wegneemt.’
Toen bad Mozes voor het volk en Jahwe zei tot hem:
‘Maak zo’n giftige slang en zet die op een paal.
Iedereen die gebeten is en er naar opziet, zal in leven blijven.’

De prefatie van het H. Hartfeest zegt ons dan ook,
naar wie wij nu in plaats van de bronzen slang moeten opzien:

Omhooggeheven aan het kruis
heeft Hij in zijn grote liefde zich voor ons gegeven.

Vervolgens heet het in de prefatie:

Uit zijn doorstoken zijde liet Hij bloed en water vloeien,
de levensstroom der sacramenten.

Sinds de oudste tijden wordt in het water een verwijzing gezien naar het doopsel
en in het bloed een verwijzing naar de eucharistie.
De twee kleuren blauw en rood zijn dan ook dominant aanwezig
op dit schilderij en verspreiden zich in concentrische cirkels
steeds verder naar buiten. Want in principe wil de Heer alle mensen bereiken.
Daarom staat er in de prefatie:
Als Verlosser trekt Hij alle mensen tot zijn geopend Hart:
zij komen vol vreugde putten uit de bron die redding biedt.

Je moet natuurlijk wel bewust uit die bron willen putten.
Juist in die mate dat wij ons de grote barmhartigheid van de Heer
bewust worden, zullen wij ook van het verlangen vervuld worden
om naar Hem toe te gaan.
Het schilderij voegt als verdere verwijzing naar de eucharistie ook nog hosties toe.
Deze regenen als het ware uit de handen van de Christus
en vullen de berouwvolle mens steeds meer.
Zo wordt de mens langzaam omgevormd
en gaat hij steeds meer op Christus lijken.
De apostel Paulus beschreef het zo:

Ikzelf leef niet meer, Christus leeft in mij.
Mijn sterfelijk leven is een leven in het geloof in de Zoon van God,
die mij heeft liefgehad en zichzelf heeft overgeleverd voor mij (Gal.2,20)

Bidden wij, dat in het heilig Jaar van de Barmhartigheid
steeds meer mensen vol vreugde putten uit de bron die redding biedt. Amen.